U bevindt zich hier: D66 Borne » media » Schriftelijk vragen over reclamebelasting » brief

Brief - Schriftelijk vragen reclamebelasting

Borne, 26 april 2010

College van B&W gemeente Borne
(afschrift via de griffier ter kennisname aan de Gemeenteraad)

Rheineplein 1
Postbus 200,
7620 AE Borne

Onderwerp: schriftelijke vragen aangaande ; reclamebelasting
                   
Geacht college van B & W,


In de raadsvergadering van 9 december 2008 heeft de gemeenteraad besloten tot de invoering van reclamebelasting.
De invoering van reclamebelasting kende een lange voorgeschiedenis. Het initiatief tot invoering kwam feitelijk van de Bundeling Bornse Ondernemers; deze organisatie staat op het standpunt dat financiële betrokkenheid voor de verbetering van leefbaarheid, veiligheid en attractiviteit van winkelgebieden en bedrijventerreinen niet uitsluitend op het conto moet komen van leden van deze organisatie. Alle ondernemers zijn gebaat bij kwaliteitsverbetering van het ondernemersklimaat. Reclamebelasting is een middel om de doelstellingen te bereiken.
Het kiezen voor een zorgvuldige voorbereiding was ingegeven door het feit dat deze vorm van belastinginning landelijk volop in de belangstelling staat en dat juridische procedures in het vooruitzicht zijn gesteld. Door de landelijke belangstelling heeft de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) recent een modelverordening gepresenteerd. Ook van deze informatie hebben wij dankbaar gebruik gemaakt bij de voorbereiding van de nu voorliggende stukken. Tot slot heeft nog een tweede mening gevraagd, hetgeen heeft geleid tot een beperkt aantal wijzigingen in de tekst van de ontwerpverordening.

In 2007 heeft het bureau ATMP, in opdracht van de gemeente Borne, onderzoek gedaan naar de mogelijkheden ten aanzien van de invoering van reclamebelasting in Borne. In dit onderzoek, is onder meer doorgerekend wat de consequenties zijn voor ondernemers, uitgaande van een vooraf aangegeven minimale opbrengst. De conclusie is dat deze opbrengst met alleszins redelijke tarieven (in vergelijking met andere gemeenten) gerealiseerd kan worden. Op basis van een eerste inventarisatie, uitgevoerd door het Bureau Legitiem, zijn de totale opbrengsten, uitgaande van de hiervoor genoemde tarieven en circa 400 aanslagen, te ramen op € 150.000,-- per jaar. Daartegenover staan de kosten die gemaakt zijn en moeten worden om de inning mogelijk te maken. Deze bestaan uit de kosten van invoering, waaronder de kosten van de onderzoeksbureaus ATMP en Legitiem, en de perceptiekosten. Dat zijn de kosten voor heffing en invordering, die bestaan uit onder meer het opleggen van de aanslag, de kosten van bezwaar en beroep, de automatiseringskosten en de kosten van aanmaningen en dwangbevelen. Door overheveling van de belastingtaken in Borne naar het Gemeentelijke Belastingkantoor Twente (GBT) zullen deze diensten door het GBT worden verricht.  De totale structurele kosten worden geraamd op € 20.000,--.


Omdat de inkomsten worden opgebracht door de Bornse ondernemers is met de BBO (Bundeling Bornse Ondernemers) een convenant gesloten dat is gericht op het beheer en de besteding van de inkomsten uit de reclamebelasting. In het convenant is onder meer aangegeven dat over de aanwending van de middelen advies wordt uitgebracht door een in te stellen stuurgroep.  De stuurgroep bestaat uit de dorpsmanager, een vertegenwoordiger van het hoofdbestuur van de BBO, de voorzitters van de sectie detailhandel en de sectie bedrijven, een vertegenwoordiger van een ondernemersorganisatie met een juridische entiteit en een vertegenwoordiger van de Stichting Kulturhus Borne. Uiteindelijke besteding van de middelen is, gelet op het feit dat het om publieke middelen gaat, voorbehouden aan het college van B&W van Borne.

Na aanleiding van de aanslagopleggingen zijn er veel bezwaren binnengekomen. Door 85 ondernemers is er collectief bezwaar aangetekend en daarnaast nog eens 38 individuele bezwaren. In totaal zijn 123 (=35%!!) bezwaren ingediend en er zijn 365 aanslagen opgelegd.  Hoewel verschillend van aard zijn de bezwaren gekenmerkt door grote onzorgvuldigheden, onvoldoende geïnformeerd, oneens met het betalen van de reclamebelasting.

D66 Borne heeft daarom nu de volgende vragen:
  • Kan de reclamebelasting (juridisch) in stand worden gehouden voor de gemeente Borne?
  • Wat zijn de consequenties indien deze reclamebelasting niet (juridisch) in stand kan worden gehouden?
  • Hoe denkt het college om te gaan met de bezwaren (onzorgvuldigheid, c.q. de zorgvuldige overheid, het motiverings- en  informatiebeginsel en -plicht)  die door de BBO in het voortraject allen werden beschreven dat hieraan wel was voldaan?
  • Zijn er inkomsten uit de reclamebelasting door de stuurgroep aangewend?
  • Zo ja om welk bedrag gaat dit?
  • Indien blijkt dat de (juridische) houdbaarheid niet haalbaar is gebleken, wie draait dan voor de gemaakte kosten op?
  • Is het college van B&W met D66 Borne van mening dat zolang de aanslagen nog moeten worden onderzocht en er geen ongewenste effecten moeten/mogen optreden de aanwending van de opbrengsten van de reclamebelasting voorlopig moeten worden opgeschort.

Gaarne ontvangen wij spoedig uw antwoord,

Namens de fractie van D66 Borne,

C. Woudstra


Fractievoorzitter D66 Borne


D66 Landelijk


D66 Overijssel


Jonge Democraten